DICOM Devices
Overzicht DICOM-apparaten
Het scherm DICOM-apparaten wordt gebruikt om DICOM-apparaten toe te voegen, te bewerken en te verwijderen.
Filteren: Als u toegang heeft tot meerdere bronnen, wordt er een filterpaneel weergegeven. U kunt filteren op de verschillende bronnen waartoe u toegang heeft. Als u slechts toegang heeft tot 1 bron, wordt het paneel niet weergegeven.
Bronnen zijn alfabetisch op naam gerangschikt.
DICOM-apparaten: Er wordt een lijst weergegeven met DICOM-apparaten die beschikbaar zijn voor de geselecteerde bron. De geselecteerde bron en de bron die geconfigureerd zal worden, worden duidelijk weergegeven aan de linkerkant van het tabblad DICOM-apparaten.
Filtercriteria:
• Naam: veld voor vrije tekst waarmee u uw DICOM-apparaten kunt filteren op naam.
• Type: een voorgedefinieerde meerkeuzelijst waarmee u, indien geconfigureerd, kunt filteren op type. Type is een optioneel veld.
• Site: een vervolgkeuzelijst met enkelvoudige selectie die alle sites weergeeft die zijn gekoppeld aan de geselecteerde bron.
• Eindpunten:
◦ Naam eindpunt Veld voor vrije tekst waarmee u kunt filteren op de naam van het geconfigureerde eindpunt
Opmerking |
 | Een DICOM-apparaat kan meerdere gekoppelde eindpunten hebben. |
◦ AE Title eindpunt: veld voor vrije tekst waarmee u kunt filteren op de AE Title van een bepaald eindpunt.
◦ Type eindpunt: voorgedefinieerde vervolgkeuzelijst met meervoudige selectie waarmee u kunt filteren op het configureerbare eindpunttype.
Het aantal gevonden DICOM-apparaten volgens de zoekparameters wordt onderaan de lijst weergegeven.
Om filtercriteria te wissen die u niet meer wilt, klikt u op de x rechts van de waarde. Om alle toegepaste filters te wissen en alle beschikbare DICOM-apparaten weer te geven, klikt u op de knop Filters wissen.
Als u meerdere gebruikers tegelijk configureert, kan het handig zijn om de laatste status van deze lijst te controleren. Klik hiervoor op DICOM-apparaten opnieuw laden.
Om een nieuw DICOM-apparaat toe te voegen, klikt u op Nieuw DICOM-apparaat toevoegen. Dit opent een nieuw scherm waarin u een nieuw DICOM-apparaat kunt aanmaken.
Lijstoverzicht: Actief vs. inactief DICOM-apparaat
• Actieve DICOM-apparaten en DICOM-eindpunten zijn gemarkeerd met een groene cirkel.
• Inactieve DICOM-apparaten en DICOM-eindpunten worden gemarkeerd met een rode cirkel en grijs weergegeven.
Een nieuw DICOM-apparaat toevoegen
Verplichte velden worden aangeduid met een rode stip. Verplichte velden kunnen variëren afhankelijk van de instellingen die u inschakelt.
1. DICOM-apparaatinformatie: Voer alle informatie in voor het DICOM-apparaat (Modaliteit) dat geconfigureerd moet worden.
◦ Naam: verplicht veld om uw DICOM-apparaat te identificeren.
◦ Beschrijving: Optioneel veld om extra informatie toe te voegen.
Type: optioneel veld om het DICOM-apparaat te koppelen aan een specifiek type uit de voorgedefinieerde lijst. De opties zijn: Intern, Werkstation, Mediacreatie, Post-verwerking, PACS, VNA, Informatiesysteem en Modaliteit.
Site: vervolgkeuzelijst met enkelvoudige selectie om de site te definiëren waaraan uw DICOM-apparaat is gekoppeld. Alle sites die gekoppeld zijn aan uw bron worden hier weergegeven.
Opmerking |
 | Vanaf het moment dat u een site selecteert, krijgt u een link om het scherm Sitebeheer te openen (als u de juiste rechten heeft). |
◦ Actief DICOM-apparaat: Dit is standaard ingeschakeld. U kunt het uitschakelen als u bijvoorbeeld een modaliteit configureert die nog niet live is, maar die u wel beschikbaar wilt hebben.
Opmerking |
 | Als u probeert op te slaan zonder de verplichte velden in te vullen, worden deze rood gemarkeerd en krijgt u een foutmelding te zien. Dit geldt voor alle verplichte velden op dit scherm. |
2. DICOM-eindpunt: dit geeft de eindpuntnaam en de verschillende eindpunttypes weer.
◦ Dit paneel is een informatief paneel en kan niet worden bewerkt.
◦ Standaard wordt een eindpunt geopend om geconfigureerd te worden met de standaardnaam NEW_ENDPOINT.
◦ Modaliteitswerklijst en C-Store-eindpunten worden automatisch ingeschakeld.
◦ Er zijn 3 soorten indicaties mogelijk voor een DICOM-eindpunt
▪
Oranje cirkel: niet opgeslagen wijzigingen op het eindpunt.
▪
Groene cirkel: indicatie actief eindpunt.
▪
Rode cirkel: indicatie inactief eindpunt.
Een eindpunt kan meerdere indicaties hebben.
3. DICOM-eindpuntinformatie: voeg de gedetailleerde informatie voor het geselecteerde DICOM-eindpunt toe.
◦ Actieve (ingeschakelde) DICOM-eindpunten zijn niet ingeklapt en zijn blauw gemarkeerd.
▪ Als het eindpunttype niet is ingeschakeld, wordt het ingeklapt en grijs weergegeven.
▪ Als u op een grijs weergegeven eindpunttype klikt, wordt het eindpunttype ingeschakeld...
◦ Alle velden kunnen worden bewerkt.
Opmerking |
 | Verander de naam in iets betekenisvol, zodat u uw eindpunten gemakkelijk kunt vinden. |
◦ Velden zijn verplicht tenzij aangegeven als (Optioneel). Als verplichte velden leeg blijven, zal het opslaan van het DICOM-apparaat fouten opleveren.
Typen eindpunten
Opmerking |
 | Sommige velden zijn pas verplicht als u een specifiek eindpunttype selecteert. Host en Port worden bijvoorbeeld verplicht als u de DICOM Transfer Destination inschakelt voor dit eindpunt. |
◦ Naam: Verplicht veld om uw eindpunt te identificeren. NEW_ENDPOINT wordt automatisch ingevuld, maar u verander de naam best in iets dat logisch en gemakkelijk terug te vinden is.
◦ Beschrijving: Optioneel veld om extra informatie toe te voegen.
◦ AE Title: AE Title van de modaliteit / het DICOM-apparaat.
▪ Dit wordt gebruikt om ontvangen beelden te koppelen aan dit specifieke DICOM-apparaat. Als beelden worden ontvangen door een onbekende AE Title, wordt de associatie geweigerd.
▪ De AE Title moet uniek zijn op bronniveau.
◦ Host: Dit is de hostnaam of het IP-adres van uw modaliteit/DICOM-apparaat. Deze informatie is nodig als onderdeel van de routes die DU POW gebruikt om beelden te verspreiden. Nodig voor bijvoorbeeld C-Move en DICOM-transfer.
◦ Poort: De poort die het DICOM-apparaat / de modaliteit zal gebruiken om de verbinding tussen DeepUnity PACSonWEB en zichzelf te openen. Deze informatie is nodig als onderdeel van de routes die DeepUnity PACSonWEB gebruikt om beelden te verspreiden. Nodig voor bijvoorbeeld C-Move en/of DICOM-transfer.
◦ Afzender: bevat een vervolgkeuzelijst met afzenders die zijn geconfigureerd om te worden gebruikt voor DICOM-apparaten.
▪ De Afzender maakt deel uit van de Routes die in DeepUnity PACSonWEB worden gebruikt om beelden op te distribueren.
▪ Deze vervolgkeuzelijst bevat alleen afzenders die zijn geregistreerd als "Gekoppelde DICOM-eindpunten" (dit is gedaan door geautoriseerd DH Healthcare GmbH-personeel).
▪ Als u een afzender selecteert via de vervolgkeuzelijst, kan de afzender beelden ontvangen die afkomstig zijn van deze AE Title.
▪ U kunt gerust een van de beschikbare afzenders selecteren (als er meerdere bestaan). Als u het niet zeker weet, neem dan contact op met DH Healthcare GmbH om u te helpen de juiste afzender te selecteren.
4. Nieuw DICOM-eindpunt toevoegen: Voeg een extra nieuw DICOM-eindpunt toe voor dit DICOM-apparaat. Als een modaliteit bijvoorbeeld niet dezelfde AE Title kan gebruiken voor verschillende acties, zoals DWML versus C-MOVE.
5. DICOM-eindpunt verwijderen Om dit specifieke eindpunt te verwijderen, klikt u op DICOM-eindpunt verwijderen.
6. Toevoegen en sluiten Om het DICOM-apparaat en de DICOM-eindpunten toe te voegen, het scherm te sluiten en terug te keren naar de lijst met DICOM-apparaten, klikt u op Toevoegen en sluiten.
7. Toevoegen en nog een toevoegen Om dit DICOM-apparaat en de DICOM-eindpunten op te slaan en er onmiddellijk nog een ander aan te maken zonder van dit scherm weg te navigeren, klikt u op Toevoegen en nog een toevoegen.
8. Sluiten Om het scherm te sluiten en terug te keren naar de lijst met DICOM-apparaten, klikt u op Sluiten. U krijgt een melding als u op Sluiten klikt met niet-opgeslagen wijzigingen.
DICOM-eindpunten
• Modaliteitswerklijst
U kunt de volgende opties configureren:
◦ Tekenset: Vervolgkeuzelijst met enkelvoudige selectie en voorgedefinieerde waarden
▪ Wanneer een modaliteit een verzoek indient bij DeepUnity PACSonWEB, bepaalt de tekenset welke codering wordt gebruikt voor het antwoord. Als het verzoek van de modaliteit geen tekenset specificeert, wordt de door de modaliteit geleverde tekenset gebruikt. Als voor de opgeslagen modaliteit geen tekenset is opgegeven, wordt ISO 2022 IR6 als standaard gebruikt.
◦ Modaliteit instellen: veld voor vrije tekst
▪ Deze optie zal de DICOM-tag voor modaliteit bijwerken met de gedefinieerde waarde.
▪ Als u bijvoorbeeld een modaliteitswerklijst-query heeft die verschillende modaliteiten passeert, CT, MR, US, ... en u CR heeft gedefinieerd in Modaliteit instellen, dan overschrijven we de DICOM-tag voor modaliteit met CR voor alle studies.
◦ Onderzoeksruimtes:
▪ Deze lijst wordt ingevuld op basis van de site die gekoppeld is aan uw DICOM-apparaat.
▪ Mogelijkheid om de modaliteit te koppelen aan bepaalde onderzoeksruimtes.
◦ AE Title van gepland station vermelden: schakelen
▪ Standaard ingeschakeld. Indien ingesteld, wordt de AE Title van het aanroepend eindpunt opgenomen in de antwoordgegevensset van de modaliteitswerklijst.
◦ Statussen: vervolgkeuzelijst met meervoudige selectie
▪ Deze instelling is belangrijk als DeepUnity PACSonWEB de DICOM-modaliteitswerklijst (DMWL) biedt. De modaliteit kan een lijst met geselecteerde studiestatussen opslaan. Als de modaliteit een DMWL-verzoek indient bij DeepUnity PACSonWEB, zal het antwoord alleen studies bevatten waarvan de status in de door de modaliteit opgeslagen lijst staat, ongeacht of de studies beelden hebben of niet.
▪ Wanneer de status van een studie wordt gewijzigd in een status die is opgeslagen voor de modaliteit, zal de studie inbegrepen zijn in het DMWL-antwoord wanneer een nieuw verzoek wordt ingediend.
▪ Standaard worden de statussen Gepland, Aangekomen, Gestart en Onbekend toegevoegd aan een nieuw eindpunt.
▪ U kunt er nog meer toevoegen indien nodig. Dit is een voorgedefinieerde lijst van alle statussen die beschikbaar zijn in DeepUnity PACSonWEB: (Onbekend, Geannuleerd, Gepland, Aangekomen, Begonnen, Wordt verzonden, Verzonden, Voltooid, DicterenGestart, Opgeslagen, Gedicteerd, InAfwachtingVanVerslagcorrectie, TeValideren, InAfwachtingVanTweedeValidatie, Afgerond)
◦ Aanvragende afdeling: Vrij invulveld
▪ Met dit veld kunt u uw modaliteitswerklijst filteren op aanvragende afdeling.
◦ Datum: Vervolgkeuzelijst met enkelvoudige keuze
▪ Met dit veld kunt u uw modaliteitswerklijs filteren op basis van vooraf gedefinieerde datumbereiken.
• C-Store
U kunt de volgende opties configureren: (Niet standaard ingevuld)
◦ Toegestane abstracte syntaxissen: Een meervoudige selectielijst waaruit u een of meer toegestane abstracte syntaxissen kunt selecteren.
◦ Toegestane transfersyntaxissen: Een meervoudige selectielijst waaruit u een of meer toegestane transfersyntaxissen kunt selecteren.
• C-Find
U kunt de volgende opties configureren: (Niet standaard ingeschakeld)
◦ Affiniteitsdomeinen toestaan: C-Find geeft resultaten van bronnen in de gekoppelde affiniteitsdomeinen.
Opmerking |
 | Affiniteitsdomeinen moeten worden ingesteld in de bronbeheerpagina’s op afzenderniveau. (Neem zo nodig contact op met DH Healthcare GmbH om dit te doen) |
▪ De lijst Affiniteitsdomeinen bevat een of meer affiniteitsdomeinen en definieert het bereik van de C-Find.
▪ Proxy toestaan:
Opmerking |
 | Proxy moet worden ingesteld in de bronbeheerpagina's. (Neem zo nodig contact op met DH Healthcare GmbH om dit te doen) |
▪ De bron die wordt opgevraagd voor studies is niet de bron waaraan de client is gekoppeld, maar de bron die overeenkomt met de aanroepende AE van het C-Find-verzoek.
▪ De proxy-instelling kan niet worden gecombineerd met de federatieve query-instellingen.
▪ De proxy vereist niet dat er een patiënt bestaat in de bron van de client. (toestemming van de patiënt hoeft niet te worden ingesteld op bronniveau).
▪ Studies zonder beelden terugsturen
▪ C-Find stuurt studies zonder beelden terug. Dit maakt het mogelijk om lege studies terug te sturen met C-Find.
• C-Move
U kunt de volgende opties configureren:
◦ Affiniteitsdomeinen toestaan: C-Move van de studies is toegestaan voor affiniteitsdomeinen. (Niet standaard ingeschakeld)
Opmerking |
 | Affiniteitsdomeinen moeten worden ingesteld in de bronbeheerpagina’s op afzenderniveau. (Neem zo nodig contact op met DH Healthcare GmbH om dit te doen) |
▪ De lijst Affiniteitsdomeinen bevat een of meer affiniteitsdomeinen en definieert het bereik van de C-Move.
▪ Query naar andere affiniteitsdomeinen zal:
▪ het nationale nummer gebruiken om overeenkomende patiëntendossiers in andere bronnen te vinden;
▪ alleen resultaten weergeven als de patiënt bestaat in de bron van de client (toestemming van de patiënt moet worden ingesteld op bronniveau). Neem indien nodig contact op met DH Healthcare GmbH om dit te doen).
▪ Proxy toestaan: (Niet standaard ingeschakeld)
Opmerking |
 | Proxy moet worden ingesteld in de bronbeheerpagina's. (Neem zo nodig contact op met DH Healthcare GmbH om dit te doen) |
▪ De bron die wordt opgevraagd voor studies is niet de bron waar de client aan gekoppeld is, maar de bron die overeenkomt met de aanroepende AE van het C-Move-verzoek.
▪ De proxy-instelling kan niet worden gecombineerd met de federatieve query-instellingen.
▪ Voor de volmacht hoeft er geen patiënt te bestaan in de bron van de client en er hoeft ook geen toestemming van de patiënt te worden ingesteld.
▪ Is een bestemming: (Standaard ingeschakeld)
▪ Dit betekent dat uw DICOM-apparaat kan worden gebruikt als bestemming voor C-Move.
▪ Indien uitgeschakeld, zijn de volgende opties ook uitgeschakeld: Calling AE Title, Voorkeurs-transfersyntaxis en maximaal aantal verzend-threads.
▪ Calling AE Title:
▪ Placeholder is standaard ingesteld op DeepUnity PACSonWEB. Voer een andere waarde in om de placeholder te wijzigen.
▪ Dit is de AE Title die DeepUnity PACSonWEB zal gebruiken voor C-STORE.
▪ Voorkeurs-transfersyntaxis Voorgedefinieerd, vervolgkeuzelijst met enkelvoudige selectie om een transfer-syntaxis te selecteren.
▪ Maximum aantal verzend-threads: Voorgedefinieerd, vervolgkeuzelijst.
▪ Numerieke waarde tussen 1 en 8.
• DICOM Transfer Destination
Opmerking |
 | Op dit moment is het niet mogelijk om de werklijstquery te gebruiken om de studie-informatie in te vullen in het dialoogvenster voor transfer naar PACS wanneer u een DICOM-eindpunt als transferbestemming gebruikt. |
◦ Calling AE title
▪ Placeholder is standaard ingesteld op DeepUnity PACSonWEB. Voer een andere waarde in om de placeholder te wijzigen.
▪ Dit is de AE Title die DeepUnity PACSonWEB zal gebruiken voor C-STORE.
• Storage Commitment
◦ Stuur reply naar
▪ Standaard selecteren we het huidige eindpunt als antwoordoptie. U kunt echter elk ander eindpunt selecteren als antwoord voor de opslagtoewijzing.
◦ Calling AE title
▪ Placeholder is standaard ingesteld op DeepUnity PACSonWEB. Als dit veranderd moet worden, vul dan een andere waarde in. Als dit nog klopt, kunt u het zo laten.
Een bestaand DICOM-apparaat bewerken
Als DICOM-apparaten/-eindpunten al geconfigureerd zijn, kunt u gewoon op een bestaand item in de lijst klikken om automatisch het bewerkingsscherm te openen.
Het eerste eindpunt dat is gekoppeld aan dit DICOM-apparaat wordt automatisch geopend. Als u er meer dan één heeft, kunt u een specifiek eindpunt selecteren door erop te klikken.
Alle details van het geselecteerde DICOM-apparaat en de eindpunten worden weergegeven.
1. DICOM-apparaatinformatie met alle relevante informatie over uw DICOM-apparaat. Alle velden kunnen indien nodig worden bijgewerkt.
Site is een enkel selectieveld. Als u een andere site selecteert in de vervolgkeuzelijst, wordt de huidige geselecteerde site vervangen.
2. DICOM-eindpunt met de naam en alle verschillende eindpunttypes. Dit kan niet worden bewerkt.
3. Alle gedetailleerde informatie over het geselecteerde DICOM-eindpunt. Alle velden kunnen worden bewerkt.